Voorbeelden van het gebruik van Je went in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Geeft niet, je went er toch nooit aan.
Je went eraan, of je schiet in een psychose.
Je went wel aan het idee, mam.
Je went aan dit leven.
O, je went eraan.
Nou, je went er wel aan.
Ach, je went er wel aan.
Je went aan het bed.
Maar je went eraan.
Maar je went eraan.
Je went wel aan die oudstudentjes.
Ach, je went eraan.
Je went er aan.
Dus je went aan me.
Geen zorgen. Je went er wel aan.
Je went er vast aan.
Ja, je went eraan.
Ik wil dat je went aan de terugslag. Oefenen.
Je went eraan. Dingen veranderen.
Ja, je went eraan.