Voorbeelden van het gebruik van Juiste doen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Het juiste doen.
Ze zal het juiste doen.
Hij zal het juiste doen.
Het juiste doen vergt soms opoffering.
Je gaat het juiste doen.
Nee, je gaat het juiste doen.
Ik ga het juiste doen.
Je kunt nog steeds het juiste doen.
Ik zeg dat we erheen gaan en het juiste doen.
Dat is het probleem met het juiste doen.
En jij zou het juiste doen.
Nee, je gaat het juiste doen.
Altijd het juiste doen.
Kunt u niet het juiste doen.
Dit gaat om het juiste doen.
Ik ga het juiste doen.
Het gaat om het juiste doen.
De kolonel zal het juiste doen.
Want dan zou ik het juiste doen.
Laat me het juiste doen.