Voorbeelden van het gebruik van Luchtschip in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik viel uit een luchtschip.
Met een bende vijandige apen. Beter dan op dat oude luchtschip.
Ik viel uit een luchtschip.
Jij bent van het luchtschip.
Kijk daar Sophie, een vijandig luchtschip.
Hiermee maak je genoeg rook om gezien te worden vanaf het luchtschip.
Wat?-Hij zit nu in het luchtschip.
Goed luchtschip.
Ga naar het luchtschip.
Ze stalen ons gave luchtschip.
We hebben back-up nodig en een luchtschip.
Ik had geen idee wat een luchtschip was toen ik ja zei!
Jullie hebben een luchtschip nodig.
We gebruiken het om het luchtschip te laten leeglopen.
Wanneer?-Haar luchtschip was in Trollesund.
Ik heb nooit in een luchtschip gekookt.
Switch. Ze is op het luchtschip.
Ze is op het luchtschip.
Die foto heeft mijn vader genomen vanaf een luchtschip.
Het luchtschip was iets groter dan de Hindenburg.