Voorbeelden van het gebruik van Maand weg in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ben reeds een maand weg.
Volgens mij waren ze een maand weg.
Ik blijf een maand weg.
Hij blijft een maand weg.
100% Design minder dan een maand weg!
nu is ze 'n maand weg.
We gaan over een maand weg.
Nee, je bent pas een maand weg.
God, je zou denken dat ik al 'n maand weg ben.
Ik kan niet een maand weg.
ben ik een maand weg.
Ik ben nog maar een maand weg.
Adeline is al een maand weg.
Ze zijn nu een maand weg.
Dan waren zij een maand weg.
Hierna ben ik een maand weg.
Begrepen? Ik blijf een maand weg.
Ik ben tien dagen in de maand weg.
Ze zijn 'n maand weg.
Je moeder is al een maand weg?