Voorbeelden van het gebruik van Nadert in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
En nadert snel.
En de vreemde die nadert, zal gedood worden.
Wanneer ons schip nadert.
De dood nadert.
In het wild wordt voedsel schaarser naarmate de winter nadert.
Vaartuig nadert in 3 kwadrant, identificeer jezelf.
Hij die een goede boom nadert, wordt bedekt met goede schaduw.
En de vreemde, die nadert, zal gedood worden.
Het uur van de afrekening nadert.
Dat het einde nadert.
O Meter, nadert snel.
De dag van afrekening nadert.
De tijd voor mijn vertrek nadert.
Vanuit Tilburg nadert u Eindhoven via de A58.
Er nadert een voertuig.
Wie nadert het koninklijk schip?
En de ware aanzegging nadert.
de trom nadert,” zeide d'Artagnan.
Een conflict nadert.
De vijand nadert!