Voorbeelden van het gebruik van Uurtje in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een uurtje of zes.
Het is het amateur uurtje hier.
Uurtje of drie.
Het is maar voor een uurtje.
Een uurtje of vier.
Zelfs niet voor een uurtje schone schijn.
Nog een uurtje of vier.
Dit is amateur uurtje.
Over een uurtje of vijf.
En het was maar voor een uurtje.
Een uurtje of twee.
Al is het maar voor een uurtje.
Daarna door naar het eiland om dat voor een uurtje of drie te verkennen.
We zijn met een half uurtje bij Samuels.
Vanaf de luchthaven is het nog een uurtje rijden naar de stad.
Geef me een uurtje en ga dan naar je bal.
Over een uurtje.
Neem 'n half uurtje pauze, heren.
We hebben je in een uurtje of twee, drie wel beneden.
Dat gebeurde een uurtje voor hij werd vermoord.