Voorbeelden van het gebruik van Uurtje in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Een uurtje.
Voor een uurtje dan.
Mrs Tait, kunt u me een uurtje missen?
Ik heb ook de Humvee een uurtje nodig.
Ik ben een uurtje weggeweest.
Ik had een uurtje gewinkeld.
Kun je jezelf er niet een uurtje doorheen slepen?
De babysitter vraagt of G.G. een uurtje tv kan kijken.
Zal niet meer dan een uurtje zijn, toch?
De shuttle is bij Elektronica, een uurtje vanaf hier.
Ze zijn net een uurtje weg.
Pas jij nog een uurtje op Jean?
Kan ze wellicht binnen een uurtje komen?
We zijn over een uurtje thuis.
Of na een uurtje.
Zorg dat die bewakers me een uurtje niet missen.
Nog een uurtje?
Het magisch uurtje.
Ongeveer een uurtje.
We gaan 'n uurtje boodschappen doen.