Voorbeelden van het gebruik van Boffen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dat is boffen!
Mensen die dat wel hebben, boffen.
Maar we boffen.
hoe meer we boffen.
We boffen.
Dat is boffen.
Dat is boffen.
dan gaat er een Amerikaan boffen.
ik beseffen hoe ze boffen.
Ze zei dat chef-koks met me zouden boffen.
Ze boffen dat ik mijn telefoon niet heb,
wil ik nog tegen de bruid en bruidegom zeggen… dat ze boffen dat ze elkaar gevonden hebben.
Iedereen zou 'n dubbelganger hebben. We boffen dat we elkaar hebben ontmoet.
De Russen boffen, want met het achtervoegsel -védenie lossen ze een hoop terminologische problemen op:
We boften.
We boften met de schenking.
Ze boften met jou. Heel erg.
U bofte dat haar vader net op dat moment binnenkwam.
Je bofte dat het maar een startpistool was.
We boften.