Voorbeelden van het gebruik van Cadeautje in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Cadeautje voor de juf: DIY.
Ik liet het cadeautje op het tapijt.
Cadeautje van onze vrienden.
En flash games voor meisjes te maken een cadeautje voor je stylist?
Weet je, dat cadeautje… was niet voor kleine.
En een cadeautje bij iedere kaars.
Pyne, een cadeautje voor je.
Cadeautje van de post.
Het was duidelijk geen cadeautje Azraël… maar een valstrik.
Je moet je niet schamen dat je een cadeautje van een geliefde wilt bewaren.
Cadeautje voor warme voeten.
Ik heb een cadeautje voor je, vader.
Een cadeautje voor mijn vrouw.
Ik wil, dat u dit kleine cadeautje.
Volledige en klein cadeautje bij aankomst erg mooi apparatuur.
De wijziging was een cadeautje aan de uitgevers zonder dat dit het.
Ik heb 'n cadeautje voor je.
Ik geef je het cadeautje morgen, Nat.
Cadeautje in de vorm van donaties.
Ik heb een cadeautje voor TV1.