Voorbeelden van het gebruik van Rotdag in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
We hebben een rotdag.
Ik heb gewoon een rotdag.
Wel, ik heb een rotdag.
Mijn rotdag is nu ook jouw rotdag.
Wat een rotdag.
Of Humps had 'n rotdag.
Gepast einde voor een rotdag.
Ik heb ook een rotdag.
Ik heb hier een rotdag.
Het spijt me. Het was zo'n rotdag.
Ik had ook een rotdag.
Lief dagboek, vandaag was een rotdag.
Moet dit dan geen rotdag voor jou zijn?
Het was een rotdag.
Ik was gewoon een rotdag.
Of na een rotdag op het werk?
Rotdag op m'n werk.
Rotdag op het werk?
Op zo'n rotdag als de jouwe zou ik ook gestopt zijn voor een cocktail.
Ik had een rotdag op het werk.