Voorbeelden van het gebruik van Verlosser in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Hij is een verlosser, een verrader.
Ze wachten op de Verlosser maar die is nooit gekomen.
Zij denken dat je een verlosser bent.
Ik ben geen verlosser.
Dan kan de kerk van Batman de Verlosser het antwoord zijn.
Hij is een verlosser figuur.
de crème Maxisize hij werd mijn helper en Verlosser.
Hij is onze verlosser!
Door Jezus Christus, onze verlosser.
Hier is onze verlosser.
Hier is onze verlosser.
er was geen verlosser.
Met geld kun je een crucifix kopen, maar geen Verlosser.
er is geen verlosser.
Het is geen martelaarschap of het worden van een verlosser;
Zieken, wij hebben de Verlosser nodig;
Maar ze is nu al de verlosser van een heel ras.
De slaven hebben geen verlosser nodig.
je kunt mij niet eens de verlosser brengen.
Wie is deze verlosser.