CURSING - vertaling in Nederlands

['k3ːsiŋ]
['k3ːsiŋ]
vervloeken
curse
jinx
vervloeking
curse
trouble
damnation
execration
malediction
acursing
schelden
name-calling
scold
yell
swearing
cursing
rebuke
name calling
cussing
cuss
berate
met vloeken
curse
het schelden
vervloekt
curse
jinx
vervloekend
curse
jinx
vervloekten
curse
jinx
te verwensen
het gevloek
vloekte hij

Voorbeelden van het gebruik van Cursing in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
And it keeps cursing my name.
En het blijft mijn naam vervloeken.
Out of the same mouth cometh forth blessing and cursing.
Uit denzelfden mond komt voort zegening en vervloeking.
When verbally cursing your target to their face, be general.
Als je je doelwit verbaal vervloekt in zijn gezicht, wees dan algemeen.
Mrs. Wells cursing and Mrs. Scanwell crying"Demon!
Mrs. Wells vervloekend en Mrs. Scanwell schreeuwend"Demoon!
Stop cursing me like that.
Stop met vloeken.
Showing up late, cursing at the audience.
Laat opdagen, schelden naar het publiek.
Then, opening his mouth, and cursing the day of his birth.
Daarna opende Job zijn mond, en vervloekte zijn dag.
Kissing your kids or cursing them.
Je kinderen omhelzen of vervloeken.
Out of the same mouth proceed blessing and cursing.
Uit dezelfde mond klinkt zegen en vervloeking.
And Mrs. Scanwell crying"Demon! Mrs. Wells cursing.
Wells vervloekend en Mrs. Scanwell schreeuwend"Demoon!
One who delights in cursing men with their wildest dreams.
Die mannen graag vervloekt met hun wildste dromen.
Cursing them by these names.
Vervloekten ze met deze namen.
Good manners rule when creating shouts and remember: no cursing!
Goede manieren zijn essentieel bij het aanmaken van shouts en denk eraan: niet schelden!
Teddy stopped cursing.
Teddy is gestopt met vloeken.
You would not let him die cursing your name.
U zou niet willen dat hij stierf terwijl hij u vervloekte.
Out of the same mouth proceeds blessing and cursing.
Uit denzelfden mond komt voort zegening en vervloeking.
Cursing the harvest.
De oogst vervloeken.
That gypsy hasn't stopped cursing me and asking me to leave.
Die zigeuner vervloekt me en wil dat ik vertrek.
Cursing our mothers.
Onze moeders vervloekend.
grumbling, cursing and raging.
mopperen, schelden en tieren.
Uitslagen: 617, Tijd: 0.0606

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands