Voorbeelden van het gebruik van Dineren in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dineren, zin, uitnodigen.
Want vanavond dineren we in Griekenland!
En daarna dineren we in La Coupole.
Ze vraagt of we zaterdag komen dineren.
We zullen altijd samen lunchen en dineren.
Dineren in België- Bon appétit!
Dineren bij Le Bonbon met 300 rozen op tafel.
Wij dineren bij talloze verschillende families.
Ik zou hier niet dineren als ik jou was.
We dineren vanavond met de directieraad van de PARM-groep.
Paula, ik wil dat jij en Ernest vrijdag komen dineren.
Zeg me alsjeblieft dat hij morgen komt dineren. -Mamma.
Matched het dineren meubilair: eettafel en stoelen;
Heerlijk dineren in een fantastische ambiance.
Dineren dan.
We dineren zoals de stichters deden, met erfgoedvogels.
Lang. Ik ga pas om acht uur dineren.
Ik zou graag morgen met je dineren.
Goedenavond, juffrouw. Wilt je met mij dineren?
Aan het dineren met de koningin?