Voorbeelden van het gebruik van Gemene dingen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Maar toen zei hij gemene dingen over joden.
Ze zegden gemene dingen.
Hij wou jou opsluiten en zei gemene dingen.
Doe geen gemene dingen op een motor.
Maar waarom gromde je dan en zei je gemene dingen? Oké?
Normaal gesproken zeg ik geen gemene dingen.
Ik zeg zulke gemene dingen niet.
Normaal gesproken zeg ik geen gemene dingen.
Ik heb gemene dingen tegen haar gezegd.
Waarom zeg je zulke gemene dingen.
Ik moest ineens denken aan alle gemene dingen.
Niet echt. Hij zei gemene dingen.
Die we elkaar hebben aangedaan. Ik moest ineens denken aan alle gemene dingen.
We meenden die gemene dingen niet die we zeiden.
Maar je zegt heel gemene dingen tegen me als ik het je wil vertellen.
Jemig, Jana zet gemene dingen op mijn Facebookpagina.
Laten we geen gemene dingen tegen elkaar zeggen.
Ik las de gemene dingen die mensen over ons zeggen online.
Waarom zeg je zulke gemene dingen over me in Rome?
Je post gemene dingen over vrienden die je niet meent.