Voorbeelden van het gebruik van Goed horen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik kon het niet goed horen.
Ja. Kwaad en Goed horen niet bij elkaar.
Ik kon het niet goed horen.
Sphiwe? Ik kan je niet goed horen.
God zal u even goed horen als in de kerk».
Je moet bij het opdrijven van de volumeknop om hen heel goed horen. Dus, de vraag.
Heb je hulp nodig Ik heb 19 jaar ± os en niet goed horen 1 dag Dringend!
Goed, hoor. Hoe ken je dat woord?
Ik kon de tonen beter horen en ik kon zelfs mijn eigen fouten herkennen.
Alles komt goed, hoor je me?
Je hebt me goed gehoord.- Wat?
Dat heb je goed gehoord. Wat?
Heb ik dat goed gehoord, luitenant?
Als je zo goed hoort, waarom doe je dan niet open?
Dan kan ik je beter horen.-Hou op.
Je zult het beter horen, dombo.
Goed gehoord. Ron Carter?
Goed gehoord. Copeville.
Dan kan ik je beter horen", zei de wolf.
Dan kan ik je beter horen, kind, antwoordde de wolf.