Voorbeelden van het gebruik van Haar vragen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik moet haar vragen wat dat betekent.
Ik zal haar vragen.
Da's geweldig. Ik ga haar vragen.
Als de politie haar vragen stelt over de huur,
Blijf ik haar vragen waarom ze single is tot ze begint te huilen.
Kun je haar vragen haar klachten te beschrijven?
Ze heeft haar vragen goed beantwoord, en ze is het eeuwige leven beloofd.
We kunnen haar vragen, maar, weet je, ze is.
Ik stel haar vragen die ze met ja of nee kan beantwoorden.
Je kunt haar vragen waarom ze jou zo heeft gemaakt.
Ik moet haar vragen voor iets eenvoudigs met weinig mensen.
Kun je haar vragen een ambulance te zoeken?
Het is altijd een bijzonder genoegen te trachten haar vragen te beantwoorden.
Anders zou ik haar vragen.
M'n arme tobbende Deanna met haar vragen, vragen, vragen! .
Heb jij haar vragen gesteld? Niks.
kunnen wegvallen… Ik zal 't haar vragen.
Laat het me haar vragen.
Ik ga haar vragen mijn vriendin te zijn.
Ik liet haar binnen en al haar vragen gingen over jou.