Voorbeelden van het gebruik van Het expres in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je doet het expres.
Hij doet het expres.
Om mij te straffen. Ze deden het expres.
Oh, mijn god, die eikel heeft het expres gedaan.
Ik zeg niet dat je het expres deed.
Begin elke dag… alsof het expres is.
Ik weet dat je het expres hebt gedaan.
Nou en? Hij doet het expres.
Die vrouw dacht toen dat hij het expres deed. Nee toch.
Oké, ik doe het expres.
Je mist niet van die afstand tenzij het expres is.
Moet gedacht hebben dat ik het expres deed.
En ik denk dat ze het expres deed.
Daarom weet ik dat hij het expres deed.
Geloof me, ze deed het expres.
Ik deed het expres.
Of het expres is gebeurd.
Wat als iemand het expres zo afgesteld heeft?
Alsof het expres was.
Als het expres was, wie zit er dan achter?