Voorbeelden van het gebruik van Hun god in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De christenen maken aanspraak op het wonder namens hun God.
Jij bent hun god.
Leert Mijn volk niet te zondigen tegen hun God.
De woorden van de christenen zijn even vals als hun god.
ontvoerden we hun god.
Hoe dan ook, hun god is dood.
Hij rust niet voordat deze planeet hem als hun god vereert.
Ik maak me geen zorgen over hun God.
Zodat ze uit de grond van hun hart in U, hun God, geloven.
Misschien denken ze dat hun god hen beschermt.
Ze zaten er nog steeds. Ze smeekten hun god om hen te redden.
De vos is hun god.
Een soort gebed voor hun God.
De mensen hier geloven dat hij hun god is!
Ik ben hun god.
Wij zijn hun God niet.
Wij waren hun God.
In die tijd was de grens tussen mensen en hun god vager.
Hij zal vele Joden ervan overtuigen dat zij moeten terugkeren tot de Here, hun God.
Zij namen het,(als hun god) en zij waren overtreders. 149.