Voorbeelden van het gebruik van Is dat voor in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Wat is dat voor troep?
Wat is dat voor een stomme vraag?
Is dat voor hun familie?
Wat is dat voor gebouw?
Wat is dat voor een smerige deken?
Wat is dat voor een rare snuiter?
Is dat voor je YouTube-kanaal?
Is dat voor de Niki Shumaker zaak?
Is dat voor je arm?
Is dat voor Jack?
Is dat voor mij Oh,?
Is dat voor de bazaar?
Volgens mij is dat voor jou.
Is dat voor Mary?
En is dat voor… een sessie?
Wauw, is dat voor mij?
Is dat voor de rommelmarkt,?
Is dat voor Freda en jou?
Is dat voor mij?
Wat is dat voor lawaai?