Voorbeelden van het gebruik van Kan je in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hoe kan je je zo vrij voelen?
Kan je dat doen, of niet?
Maar die grens kan je niet overschrijden.
Ik kan je niet bij 't onderzoek betrekken.
Misschien kan je hem bellen?
Ik kan je John DeLorean op een presenteerblaadje geven.
Kan je hem redden?
Kan je dat van jou wat rekken?
Kan je het aan?
Dat kan je niet doen.
Claudia, kan je haar telefoon herassembleren?
Zelfs Rex kan je geur niet verdragen!
Ik kan je ogen uit je kop smelten.
Kan je Nicky en J met je meenemen?
Kan je ze in de mand leggen?
Kan je het oplossen?
Duke Caboom! Kan je de sprong maken?
Dat kan je niet doen. Wat?
Kan je geen bedrijfswagen nemen?
Zelfs de NSA kan je niet vinden.