Voorbeelden van het gebruik van Liefhebben in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij zei dat we elkaar moeten liefhebben.
En ik kan liefhebben.
Moge God ze liefhebben.
Ga nog wat meer liefhebben.
Gij zult uw tentakel liefhebben!
En we kunnen nog liefhebben.
En hoe je moet liefhebben.
wederom kunnen liefhebben… innig en langdurig.
En ik zeg u: elkaar liefhebben.
kan niet liefhebben.
Maar dien, die de gerechtigheid najaagt, zal Hij liefhebben.
gescheiden van de enige vrouw die ik kennelijk kon liefhebben.
Ze besefte, dat ze opnieuw zou kunnen liefhebben.
Mijn gebod is dat jullie elkaar liefhebben zoals ik jullie heb liefgehad.
Waarom zou ik 'm niet liefhebben?
Zonder vrijheid kunnen we niet liefhebben.
Ik weet niet of ik weet hoe ik iemand moet liefhebben.
Ik ga m' n geest laten zweven en al Gods creaties liefhebben.
Ik wil ze liefhebben.
Hij kan niet liefhebben.