Voorbeelden van het gebruik van Luit in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
O nee, niet de luit.
Wist je dat ze op de luit speelt?
Is het alweer zo laat, luit?
Luit, bedankt voor de laarzen.
De luit had twee tot vier snaren.
Luit en Chief zijn geraakt.
Ik herhaal: Luit en Chief zijn geraakt.
Luit, neem het bevel over!
Aan 't vliegen, luit?
Voor zover ik me herinner speelde Ragnar niet op de luit.
Knab is bekend voor werk voor piano en luit, maar ook koorliederen en oratoria.
Ze wordt soms ook wel een Chinese luit genoemd.
Waar brengen ze hem heen, luit?
En ze speelt luit. Ongetwijfeld.
Weer mazzel gehad, luit.
Ben ik duidelijk zo? Ja luit.
Dit is een geallieerde missie, luit Finch.
Wat is een luit? We.
De klankkast van de luit is de zak van de doedelzak.
Zij houdt van poëzie, speelt de luit als een engel… en heeft een bijzondere gave voor borduren.