Voorbeelden van het gebruik van Moet het zijn in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij moet het zijn.
Als hij hierin gaat, dan moet het zijn eigen keuze zijn. .
Zo moet het zijn.
Iemand moet het zijn.
Wat een klap moet het zijn geweest- je hebt een mislukking.
Capulet Wat moet het zijn, dat ze zo in het buitenland schreeuwen?
Wat? Hier moet het zijn. Mam?
Hier moet het zijn.
Dat moet het zijn, Walter.
Hier moet het zijn.
Maar iemand moet het zijn geweest. .
Daar moet het zijn.
Zo moet het zijn.
Ze moet het zijn.
Die moet het zijn geweest. Nee.
Wat? Hier moet het zijn. Mam.
Zo moet het zijn.
Ergens moet het zijn.
Dat moet het zijn.
Ze moet het zijn geweest. .