Voorbeelden van het gebruik van Samen zijn in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
dan kunnen we een poos samen zijn.
Dan kunnen Al en ik eeuwig samen zijn.
Ik denk niet dat hij de gedachte dat wij samen zijn erg leuk vindt.
Of als we samen zijn.
Ooit zullen we samen zijn.
Dat we allemaal samen zijn.
Samen zijn we beter.
Ze willen samen zijn.
Dan kunnen jullie voor eeuwig samen zijn.
we zullen weer samen zijn, net zoals vroeger.
Ziet hij niet dat we samen zijn?
Toch fijn dat we hier allen samen zijn, nietwaar?
Zodra we allemaal samen zijn.
hij weet dat we weer samen zijn.
Zoon.- Wat? We kunnen allemaal weer samen zijn.
Samen zijn we vrij.
Als we maar samen zijn.
Hoe weet je of we dan nog samen zijn?
Je vader wilt niet dat we samen zijn.
En dan kunnen we samen zijn. Alles.