SLAG - vertaling in Duits

Schlacht
slag
strijd
gevecht
veldslag
oorlog
slagveld
battle
Arbeit
werk
werkzaamheden
arbeid
baan
slag
taak
klus
job
te werken
gedaan
Schlag
sla
klap
slag
voorstel
schok
stoot
mep
stel
punch
raak
Kampf
strijd
gevecht
bestrijding
worsteling
slag
ruzie
veldslag
slagveld
Strike
slag
loslegen
beginnen
gaan
doen
de slag
zijn klaar voor
van start gaan
beginnen
starten
gaan
van start
aanvangen
slag
Gefecht
gevecht
slag
strijd
schermutseling
vuurgevecht
uitgeschakeld
sofort
onmiddellijk
nu
meteen
direct
zo
eraan
snel
gelijk
onmiddelijk
dadelijk
los
er
gaan
er aan de hand
vooruit
hand
weg
kom
kwijt
opschieten
komaan

Voorbeelden van het gebruik van Slag in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Slag drie, binnenkant!
Dritter Strike, Innenseite!
Nu aan slag, nummer drie, Bo Gentry!
Am Schlag jetzt die Nummer 3, Bo Gentry!
Tijdens mijn eerste slag heb ik een keuze gemaakt.
Bei meinem ersten Kampf traf ich eine Entscheidung.
Deze slag is voor jullie, maar ik win de oorlog.
Du hast die Schlacht gewonnen, aber nicht den Krieg.
We gaan aan de slag.
Lasst uns loslegen.
Kom op, kom op, aan de slag.
Los, los, an die Arbeit.
Deze slag was een van de bloedigste uit de oorlog.
Das Gefecht war eines der blutigsten des ganzen Krieges.
Aan de slag met een gratis reclame voor uw hotel.
Mit einer kostenlosen Werbung für Ihr Hotel beginnen.
Je zult op slag dood zijn.
Du würdest sofort sterben.
Slag één voor Olsen.
Und erster Strike für Olsen.
Op slag van tien.
Zehn, auf den Schlag.
Deze slag is nog niet voorbij.
Der Kampf ist noch lange nicht vorbei.
Ik ga meteen aan de slag.
Wir werden sofort loslegen.
Ik ga weer aan de slag.
Und ich geh wieder an die Arbeit.
We hebben niet veel gepland na de slag.
Wir hatten nicht viel geplant, nach der Schlacht.
November- Slag bij Inkeman.
November: Im Gefecht bei Caldiero.
Ze was op slag dood. Een vrachtwagen.
Ein LKW… Sie war sofort tot.
We moeten nu aan de slag met de besluiten over Agenda 2000.
Die Aufarbeitung der Agenda-Beschlüsse muß jetzt beginnen.
Slag. Drie slag en hij wist het.
Strike! Strike drei, und er wusste es.
Goede slag, Benjy. Ja.
Guter Schlag, Benjy! Ja.
Uitslagen: 4089, Tijd: 0.0815

Slag in verschillende talen

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits