Voorbeelden van het gebruik van Slaperig in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij is wat slaperig.
Shark Tank en ik, we worden een beetje slaperig.
Toch klink je niet slaperig.
Can, ik ben zo slaperig.
Je was zo slaperig.
Ik ben zo slaperig.
Ze kreeg medicatie die haar tegelijk geagiteerd en slaperig maakte.
ben nog slaperig.
We worden slaperig.
Ik ben gewoon slaperig.
Die massage heeft me slaperig gemaakt.
Hij is wat slaperig.
Je wordt zo heel slaperig.
Je wordt erg slaperig.
Drinken maakt me slaperig.
Ik word slaperig.
Het is al laat, en ik word slaperig.
Natuurlijk! U ziet er een beetje slaperig uit.
Ik ben nu slaperig.
Dat maakt me slaperig.