Voorbeelden van het gebruik van Tij in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
beheersten de wind en het tij.
Je zult het tij keren in de grote oorlog die komt.
Paul en het tij wachten niet.
Het is net als het tij, Jo.
Bij Five Forks wist uw compagnie het tij bijna te keren.
Bewaak de boot en let op 't tij.
Als we wind en tij tegen hadden gehad.
Marcellus helpt ons om het tij te keren.
Daar komt het tij.
Maar ik ben als het tij.
Hij keert nu het tij met Drugsvrije Wereld.
Anders missen jullie het tij.
Tot het moment waarop het tij.
Met de hulp van de Heer, keert het tij in ons voordeel.
We vertrekken met het tij.
Tot het moment waarop het tij.
Tijd om het tij te keren.
Kom op of we missen het tij.
Perfect weer, het tij ook.
Met hulp van de politie konden we het tij keren.