Voorbeelden van het gebruik van Twee daar in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Uh, Jullie hebben… hoe lang hebben jullie twee daar gestaan?
Waarom waren jullie twee daar?
Zie je die twee daar?
Ik wil precies weten wat jullie twee daar deden!
Help, help ons! Wat jullie twee daar verdorie?
Ik heb één, twee… Twee daar nodig.
Slaapkamers?- Twee daar, twee daar.
Zie je die twee daar?
Een hier, twee daar.
Twee daar en daar. En hier twee. .
Die twee daar.
Hij zei dat jullie twee daar samenwerkten. En dat jullie serveersters waren.
En die twee daar?
Twee daar of eentje?
Jullie twee daar.
Jullie twee daar.
Twee daar en twee daar. Slaapkamers?
Jongens, waarom nemen jullie die twee daar niet?
Vier haren hier en twee daar.