Voorbeelden van het gebruik van U horen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Niemand kan u horen.
Ik wil het van u horen.
Ik wilde het direct van u horen.
En ik wil het niet van U horen.
De jury zal verder geen getuigenis meer van u horen.
De jury zal verder geen getuigenis van u horen.
We willen het van u horen.
Moet u horen.
Moet u horen, Treplev.
Moet u horen, ik heb morgen een aardrijkskundetoets en ik moet leren.
Moet u horen: ik wist niet
Moet u horen.
Moet u horen. Bedank hem maar, hij betaalt.
Moet u horen… lk ben 24 en ik wil de reclamewereld in.
Kon u horen wat ze zeiden?
Moet u horen, dit ziet er niet goed uit.
Moet u horen.
Moet u horen, meneer.
Kon u horen wat er gezegd werd?
En moet u horen.