Voorbeelden van het gebruik van Uitbraak in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Het is een uitbraak.
Wat heeft dit met deze uitbraak te maken?
Goed werk bij de uitbraak.
Atlantis's zelfbescherming tegen een uitbraak.
Ik denk dat we een uitbraak hebben.
Maar je zei dat er geen uitbraak was.
Een inbraak?- Of een uitbraak.
Er is geen uitbraak.
Het is niet onredelijk om een uitbraak van gekkekoeienziekte te vrezen.
Over een uitbraak.
Nee, vergeet de uitbraak.
Luther was bij de eerste uitbraak.
Herken je een uitbraak niet?
Op dit moment hebben we de uitbraak onder controle.
Natuurlijke uitbraak?
Sniper zombie uitbraak: u bent de laatste lijn van.
Asiel uitbraak: u bent de bewaker van een asiel en.
Overweeg een onrustige tijd, zoals de varkens griep uitbraak.
Logisch en realistische zombie uitbraak scenario.
30 minuten voor de virus uitbraak.