Voorbeelden van het gebruik van Verbrijzeld in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zijn benen zijn verbrijzeld.
Inderdaad is dit een tijd waarin het zelfbeeld zal worden verbrijzeld.
M'n been is verbrijzeld.
Je hebt z'n hand verbrijzeld.
De kogel heeft het femur verbrijzeld.
Haar gezicht werd verbrijzeld.
Gebroken sleutelbeen, verbrijzeld bekken, gecompliceerde breuken aan het dijbeen.
M'n botten zijn verbrijzeld.
Het is verbrijzeld.
Mijn schouderblad en sleutelbeen verbrijzeld.
M'n beide benen zijn verbrijzeld.
Volgens mij heb je m'n stuitje verbrijzeld.
Scheen- en kuitbeen zijn verbrijzeld.
twee zwanen had de voorruit verbrijzeld.
De dokter heeft zojuist haar hand verbrijzeld.
Het linkeroog van Margot was verbrijzeld. Haar neus was platgeslagen en gebroken.
Verbrijzeld tongbeen.
Het bekken is verbrijzeld.
Uw vingers zijn verbrijzeld.
Het is verbrijzeld.