Voorbeelden van het gebruik van Bezighouden in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Het zijn vragen die veel organisaties bezighouden.
Het zijn net deze organische wetmatigheden die haar bezighouden.
Zij zullen zich met hem bezighouden.
Dat is iets waarmee we ons serieus moeten bezighouden.
Hij leidt een van de werkgroepen, die zich met de catechismus bezighouden.
Wij zullen ons moeten bezighouden met het herstel van de schade.
ruimte ons zal bezighouden.
Hiermee zal ik me de komende maanden bezighouden.
Je moet je geest bezighouden met iets.
Mijn beste Vorst, laat ik me met deze vervelende gasten bezighouden.
Een introspectie op zaken die ons allemaal bezighouden.
Ik denk dat u zich met belangrijker zaken kunt bezighouden.
Je moet je niet met al dat Mao-gezeik bezighouden.
Maar jij zult je nog steeds bezighouden met het onderhouden van bestaande apps.
Voorlopig zal de Oekraïne nog wel Europa bezighouden.
Ze leerden zichzelf tijdens de ritten bezighouden.
zal je vaak bezighouden met schermutselingen.
Je moet je met het leven bezighouden.
Daar zal ik mij niet mee bezighouden.
En een heilige man moet zich bezighouden met geestelijke zaken.