Voorbeelden van het gebruik van Een circus in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een circus?
Zelfs een circus kent regels.
Of een circus comedy kat.
Ze maakten er een circus van.
Nogal een circus.- Beide.
Dit is een circus, man.
Jij hoort in een circus, niet hier!
Wat een circus. Beide.
Wat een circus. Beide.
Wat een circus. Beide.
Wat een circus. Beide.
Wat een circus. Beide.
Jij hoort in een circus, niet hier!
Nogal een circus.- Beide.
Nogal een circus.- Beide.
Wat een circus. Beide.
Nogal een circus.- Beide.
Het was een circus dat ik nooit zal vergeten.
Weet je wat een circus voor hen betekent?
Wat een circus. Beide.