Voorbeelden van het gebruik van Groentje in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Geweldige groentje, agent Rooky Partnur!
Niet slecht voor een groentje als studiekamer, toch?
Hij is nog een groentje, maar hij is goed.
Neushoorns, olifanten, buffels en een groentje.
Het was ik of een groentje.
Je mag ons groentje hebben.
Dat groentje van een Engelsman heeft al die roodhuiden alleen verdreven.
Of een geweldige eerste stap voor ieder groentje die de kneepjes van het vak nog moet leren.
Je bent 'n groentje. Nee, oom Grga.
Ik stuurde het groentje om de jerrycan te vullen,
Hij gaf een groentje een slechte beoordeling.
Hij is een groentje, maar goed.
Je bent gewoon een groentje.
Maar Furno is niet zomaar een groentje.
Hou je erbuiten, groentje.
En het groentje stemt toe.
Ze is geen groentje, dat kan ik je verzekeren.
Groentje, eerste vraag.
Nou, wie is dan de beste, het groentje?
Ga hier weg, groentje!