Voorbeelden van het gebruik van Hem vaak in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Zie je hem vaak?
Uw zoon. Sloeg u hem vaak?
We zagen hem vaak en hij was niet gelukkig op z'n oude school.
En ik zorgde dat ik hem vaak belde.
In Houston. Zie je hem vaak?
Zie je hem vaak?
Hij zei dat een oude schoolvriend in Japan hem vaak hielp.
In Houston. Zie je hem vaak?
Een van de katten volgt hem vaak.
En je bezoekt hem vaak.
Juist. Zie je hem vaak?
Dus zag je hem vaak?
Ze belt hem vaak.
Frank. Zie je hem vaak?
Hopelijk bezoekt u hem vaak.
Ik sprak hem vaak.
Iemand die Choi Pil Gyu heet kwam hem vaak bezoeken.
Waarom? Spreek je hem vaak?
Hé, jij hebt hem vaak teleurgesteld.
Deze persoon, Choi Pil Gyu, komt hem vaak bezoeken.