Voorbeelden van het gebruik van Het lukken in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Zo zal het niet lukken.
Ik wist dat het ging lukken.
Veel mensen doen het lukken.
Ja. Gaat het lukken?
Deze keer zal het lukken.
Met beide delen van het amulet moet het me lukken.
Gaandeweg gaat het lukken, hoop ik.
Gaat het hiermee lukken?
Op een dag zal het lukken.
Oké. Zo moet het lukken.
Ja. Gaat het lukken?
Deze keer zal het haar lukken.
Ik was nog onzeker of het lukken zou.
Daarmee moet het lukken.
zal het je lukken.
Zo moet het lukken.
goed teamwork moet het lukken.
Met dit gaat het niet lukken.
Met twee paarden en 'n maand mooi weer kan het lukken.
Hessler zal het lukken.