Voorbeelden van het gebruik van Iemand deed in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Iemand deed opzettelijk iets met de auto.
Iemand deed opzettelijk iets met de auto.
Iemand deed dat met haar, juist?
Iemand deed iets met jou.
Iemand deed het voor hem.
Nee. Maar iemand deed meer.
Maar iemand deed dat bij jou.
Iemand deed het wel.
Iemand deed het haar uit.
Iemand deed dat.
Iemand deed dat hem aan, Ryan.
Iemand deed dit bij hem.
Iemand deed het erin.
Of iemand deed wat in haar eten.
En iemand deed het.
Iemand deed iets ergs met me.
Iemand deed iets in je drankje.
Iemand deed je dat doen, toch?
Iemand deed dat voor jullie.
Iemand deed het voor hem.