Voorbeelden van het gebruik van Kleinigheid in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een kleinigheid voor de moeite.
Geen kleinigheid. 20 jaar?
En verwachtingsmanagement is ook geen kleinigheid.
Elke kleinigheid.
Helaas een kleinigheid lager.
Dat is geen kleinigheid.
Een kleinigheid voor de nieuwe khaleesi.-Khal.
Het is ook geen kleinigheid. 20 jaar?
Een kleinigheid voor jou. Detective Inspector?
Congres niet op de hoogte van een kleinigheid, genaamd het Eerste Amendement.
Hij vraagt alleen deze kleinigheid van jullie.
Bijna een kleinigheid.
Dat was geen kleinigheid.
Zoiets opruimen is geen kleinigheid.
Er is nog een kleinigheid: vijf dollar.
Een kleinigheid voor jou. Detective Inspector?
De liefdevol ontworpen porseleinen hazen van Villeroy& Boch zijn zeer geschikt als kleinigheid.
Ross, het is geen kleinigheid.
Oh, het is een kleinigheid.
Het is geen kleinigheid.