Voorbeelden van het gebruik van Weet wat in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik weet wat u denkt, en, nee.
Zodra ik weet wat dat is.
Je weet wat ze zijn?
Hij weet wat ze heeft gestolen en zoekt haar op.
Als je weet wat hij is!
Claudia weet wat haar taak is. Ja.
Je weet wat je met de bal moet doen.
Je weet wat ik gezegd heb.
U weet wat ik van u verwacht.
Als je weet wat je wilt, moet je ervoor gaan.
Ik weet wat je ermee doet.
Iedereen is geprikkeld maar niemand weet wat er aan de hand is.
Met het vertrouwen dat STEVENS weet wat jonge crossers nodig hebben.
Je weet wat ik bedoelde.
Z'n vrouw weet wat hij wil.
Ik weet wat ze met ons hebben gedaan.
Ik weet wat ik gezien heb, Mark.
Jawel. Ik weet wat je hebt doorgemaakt.
Zodra je weet wat dat betekent, laat het weten. .
Ik weet wat ik moet doen.