Voorbeelden van het gebruik van Weet wat in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Roberto, je weet wat je moet doen.
Ik weet wat jullie zeggen.
Ik weet wat jullie allemaal denken… dat.
Je weet wat je weet. .
Je weet wat ze met dat kind gedaan hebben?
Je weet wat voor een man hij was.
Ik weet wat ik zag.
Jij weet wat er gebeurde.
Ik weet wat je bent, gestoorde hufter.
Ik weet wat het voor je betekent.
Wil je dat de wereld weet wat voor iemand jij echt bent?
Maar je weet wat ik tegen hem heb, hè?
U weet wat te doen.
Als u niet weet wat liefde is….
Je weet wat je artsen hebben gezegd.
Je weet wat ik zou doen.
Ik weet wat ik ga doen.
Ik weet wat dat betekent.
Nee, ik weet wat je bedoelt.
Misschien willen ze dat niemand weet wat ze uit dat kluisje gestolen hebben.