Voorbeelden van het gebruik van Wegrennen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
En mensen zagen me wegrennen.
Ik kan niet meer wegrennen.
Ik zag Quigley vanaf die plek wegrennen.
Je kunt 't anoniem melden en we kunnen wegrennen.
Wie? De man die je zag wegrennen.
Blijkbaar kan ik niet ver genoeg wegrennen.
Je bleef wegrennen.
Je zag me nooit wegrennen voor de popo.
Een getuige zag twee mannen wegrennen.
We moeten niet wegrennen voor liefdesverdriet.
Met hem vechten, van hem wegrennen.
Ik beloof dat ik niet meer zal wegrennen.
Ik ben dat wegrennen spuugzat.
Wegrennen. Altijd wegrennen. Wegrennen.
En met 'nog eens over nadenken' bedoel je staart tussen benen en wegrennen?
Wegrennen. Altijd wegrennen. Wegrennen.
Kunnen we het niet gewoon uitvoeren in plaats van wegrennen?
Hier kan je niet van wegrennen, jongen.
In plaats van wegrennen wilde Spooner me ontmoeten.
Opzij, ik heb een baby.-Wegrennen.