Voorbeelden van het gebruik van Geweer in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ze greep 'n geweer en ging 'm achterna!
Geef me dat geweer!
Geef mij het geweer!
Maar een aap met een geladen geweer zou een geweldig tv-programma zijn.
Je lichaam is veel aantrekkelijker voor mij dan je geweer.
Dat is opa's geweer.
Elk geweer heeft een verhaal.
Dit geweer traceren is onze beste hoop om de schutter te vinden.
Je hebt je honden, je hebt je geweer, je slaapt daar.
Mooi geweer.
We moeten dat geweer stoppen?
U hier blijft met het geweer.
Is het een knuffel geweer?
Vanaf die dag noemt pa dat geweer: de tandenfee.
Geweer van bewaker ketst.
Geweer wint altijd.
Taylor pakte een geweer en vermoordde een jongen.
Het is natuurlijk, dat een jongeman een geweer wil vasthouden.
Hij is weg. Ik heb nu het geweer, hij komt niet terug.
Jumbo's geweer?