NONKEL - vertaling in Frans

oncle
oom
nonkel
uncle
tonton
oom
nonkel

Voorbeelden van het gebruik van Nonkel in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Ptolemaeus eigenlijk de nonkel van Seleucus was.
Basiliscus est l'oncle d'Odoacre.
Hou je vast jongen. Ik ga het aan die tante en nonkel zeggen.
Accroche-toi, petit, on va aller informer la tante et l'oncle.
Jij neukte met je nonkel Danny?
Tu as baisé avec ton oncle Danny?
Geschenk van verleden jaar van Bobby zijn nonkel.
Un cadeau de l'oncle de Bobby, l'an dernier.
Nonkel racist of nonkel drugsdealer?
L'oncle raciste ou l'oncle dealer?
Nonkel drugsdealers is nu nonkel gevangenis.
L'oncle dealer est devenu l'oncle tôlard.
Kan je nonkel Evan vragen of hij naar boven komt om me te helpen?
Peux tu demander a oncle Evan s'il veux venir et m'aider?
Wanneer je nonkel Bud dronken werd
Tu te souviens de cette super dispute de Thanksgiving, où ton oncle Bud a trop bu
Mijn nonkel ging langs de tandarts voor iets simpel
Mon oncle est allé chez Ie dentiste
Mijn nonkel zat bij het leger
Mon oncle est passé par l'armée
Bedoel je, toen die keer dat nonkel Danny iemand zijn hoofd in het toilet stak?
Comme quand oncle Danny a mis- la tête d'un homme dans les WC?
Je nonkel Danny is een goede agent,
Ton oncle Danny est un bon flic,
Je zal misschien een tijdje niets van mij horen. Als er iets gebeurt je kan nonkel Joe altijd vertrouwen.
Je risque de disparaître un moment. oncle Joe sera toujours là pour toi.
Het zat al een beetje in de familie met een nonkel en een kozijn Witte Pater.
Ça se trouvait déjà un peu dans la famille par un oncle et un cousin Pères Blancs.
Ze heeft hier een tante en nonkel wonen Ze vingen haar op.
Elle a une tante et un oncle qui habitent ici et qui l'ont prise chez eux.
het zo triest was toen nonkel Joe stierf?
c'était si triste quand oncle Joe a été tué?
ik werkelijk had geweten dat mijn nonkel met mij neukte?
j'avais baisé mon oncle sciemment?
Hij liep naar het huis en vroeg je nonkel Tuck en tante Lynn of zij iets wisten.
Il est retourné dans la maison, il a demandé à oncle Tuck et tante Lynn s'ils savaient où elle était.
Zij namen de boot van m'n nonkel. Dat betekend
Ils ont prit le bateau de mon père, ce qui veux dire
Bova's nonkel Lou is een kopstuk bij de DeAngelis familie.
Il a pris d'assaut. L'oncle de Bova est une tête de la famille DeAngelis. Exact.
Uitslagen: 97, Tijd: 0.0434

Nonkel in verschillende talen

Top woordenboek queries

Nederlands - Frans