Voorbeelden van het gebruik van Rachel is in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Rachel was geschokt door het tv-verslag van Frank's dood.
Rachel was geschokt toen ze een telefoontje over Frank's dood belde.
Rachel was geoloog.
Rachel was een kandidate voor een doctoraal in geologie aan BCU.
Stan en Rachel zijn er niet.
Rachel was er.
Rachel was een geweldige informant.
Rachel was mijn beste vriendin.
Rachel was in het huis.
Rachel was in het huis.
Jij moet Rachel zijn, de assistente van pastoor Jim.
Rachel was getrouwd met haar werk.
Je moet Rachel zijn. Ja?
Rachel was niet bereid om naar de behandeling te gaan.
Rachel was niet eerder naar Frank geweest op 3 maart.
Rachel was toen dakloos.
Wat als Rachel was gaan varen?
Rachel was zijn verloofde.
Rachel was nog 'n kleuter
Jij en Rachel zijn precies hetzelfde.
