Voorbeelden van het gebruik van Stinken in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En ze stinken.
Jullie stinken allemaal even erg!
boel doet stinken.
Félix, je voeten stinken!
Nu gaat de stoep naar pis stinken.
Je vingers stinken.
Jullie stinken naar de barakken!
Transpireren betekent niet stinken.
Ga douchen, man. Je voeten stinken.
Vele mensen stinken.
Jullie stinken.
Het laat je stinken.
Je voeten stinken.
De oude vrouwen stinken.
Hij zal alleen stinken.
Grote tanden, groot voorhoofd. En ze stinken.
Het gaat naar alcohol stinken.
ze laten scheten en ze stinken.
Kan je 'n schoen laten stinken?
Iedereen heeft ze en ze stinken.