Voorbeelden van het gebruik van Victor is in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Victor is al een week dood,
Miguel is gestopt en Victor is allergisch.
Victor is daar ergens,
wat wij gingen onthullen, en zij legden ons 't zwijgen op. Victor is voor hen gaan werken. U niet?
Victor was de eerste.
Victor, is alles nog heel?
Victor was wijlen mijn man.
Victor was heel geliefd.
Albert Victor was het tweede kind van Eduard dat stierf.
Maar praten met Victor was een genot.
Nee, Victor was de slimste man die ik ken.
Victor was geweldig.
Senator Victor was een vriend.
Als Victor was blijven leven, had hij ons beide vermoord.
Maar Victor was een goede buurman.
Victor was mijn watjesnaam.
Victor, was een deel van de oplossing.
Weet je zeker dat het Victor was?
René Victor was de zoon van Jan Victor,
Alphonse De Meulemeester was van 1903 tot 1914 voorzitter van de voetbalvereniging Club Brugge, Victor was erevoorzitter van de Brugse Zwemkring en erelid van Club Brugge.