Voorbeelden van het gebruik van Obama in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Obama heeft een Portugese waterhond.
Abbas en Obama spreken over vredesproces.
Obama krijgt extra geld voor oorlog.
Obama bezoekt vandaag voor de vierde keer het getroffen gebied.
Maar gisteren wilde Obama hem ook telefonisch feliciteren.
Mij best, maar wat heeft Obama gedaan?
Er is geen enkel verschil tussen bush of obama.
Hij zei dit in 2008 voordat Obama gekozen werd.
De Republikeinse presidentskandidaat betwijfelde jarenlang de geboorteplaats van Obama.
Hoyt is geen Obama.
Sanders ontmoet Obama.
Hij had het veel beter gedaan dan Obama.
Er blijkt geen enkel verschil tussen Bush en Obama.
Stel je voor dat de grote Obama het te horen krijgt….
Toch, deel ik uw mening niet wat betreft Mr. Obama.
Lang niet iedereen is blij met de komst van Obama.
Je bent echt een walgelijke president en we willen Obama terug.
Irak was een succes totdat Obama het verwende.
De wereld vertrouwt Obama.