A PENSAR - vertaling in Nederlands

te denken
a pensar
a creer
recordar
imaginar
considerar
te geloven
a creer
a pensar
fe
confiar
creencia
puedo creer
crean
tot nadenken
a reflexionar
a pensar
a la reflexión
a repensar
nagedacht

Voorbeelden van het gebruik van A pensar in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Estoy empezando a pensar que su motivo oculto tiene otro motivo.
Ik denk dat jouw bijbedoeling een bijbedoeling heeft.
Deberías pararte a pensar por qué esto te molesta tanto.
Je zou willen stoppen met denken waarom dit je zo veel stoort.
¿Qué van a pensar cuando realmente colonicemos Marte?
Wat gaan ze denken als we echt een kolonie op Mars stichten?
Hay que empezar a pensar en el futuro que estamos construyendo como humanidad.
We moeten nadenken over de toekomst van de mensheid die we aan het bouwen zijn.
¿qué va a pensar tu hijo cuando averigüe lo que hiciste?
Wat zal je zoon denken als hij weet wat je hebt gedaan?
A pensar como hacer que recuperes tu anillo?
Bedenken hoe ik je ring terug kan krijgen?
Así que empecé a pensar y recordé a alguien que tiene mucha información.
Dus ik dacht na en ik herinnerde mij iemand die behoorlijk wat informatie heeft.
Tu hermana y yo estábamos empezando a pensar que te olvidaste de nosotras.
Je zuster en ik dachten dat je ons vergeten was.
Si llegan a pensar que disparaste el primer tiro.
Als ze denken dat jullie het eerst schoten.
Estamos acostumbrados a pensar en dar como algo que deberíamos hacer.
We zijn gewend te denken over geven als iets wat we moeten doen.
Si nos ponemos a pensar, un día nuestro está lleno de letras.
Als je erover nadenkt, is iedere dag vol met letters.
Tienes que empezar a pensar cómo sacar a esos hombres de aquí.
Je moet nu bedenken hoe je deze mannen hier weg krijgt.
He empezado a pensar en mi futuro.
Ik ben begonnen met denken aan mijn toekomst.
Pero también comenzar a pensar acerca de la selección en política.
Maar ook gaan nadenken over politieke triage.
Está bien, mira, vamos a pensar en esto, lógicamente,¿de acuerdo?
Oké, luister, laten we logisch nadenken, oké?
Ayudo a pensar, igual que tu amiga Jennifer.
Ik help het denken, net als je vriendin Jennifer.
Empiezan a pensar que no vendrán.
Ze denken dat ze niet zullen komen.
Ni siquiera me atrevo a pensar como sería. Quizás pacífico.
Ik wil er niet eens aan denken hoe dat zou zijn, misschien heel vredig.
Empiezo a pensar que tu y yo tenemos mucho en común.
Ik denk dat wij veel gemeen hebben.
Empecé a pensar en.
Ik begon te denken aan.
Uitslagen: 4038, Tijd: 0.054

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands