HAVE CONFIDENCE - vertaling in Nederlands

[hæv 'kɒnfidəns]
[hæv 'kɒnfidəns]
hebben vertrouwen
have confidence
have faith
trust
are confident
heb vertrouwen
have confidence
have faith
trust
are confident
zelfvertrouwen hebben
have confidence
have self-confidence
confident
vertrouwen hebben
have confidence
have faith
trust
are confident
heeft vertrouwen
have confidence
have faith
trust
are confident
vertrouwen krijgen
gain confidence
have confidence
acquire confidence
vrijmoedigheid hebben
have boldness
have confidence
het vertrouwen hebben

Voorbeelden van het gebruik van Have confidence in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Parents have confidence in our knowledge and skills.
Ouders hebben vertrouwen in onze kennis en kunde.
We have to have confidence that our God is not narrow-minded.
We moeten vertrouwen hebben dat onze God niet bekrompen is.
I have confidence in you. Good.
Ik heb vertrouwen in je. Goed.
We have confidence that this device won't disappoint you.
Wij hebben vertrouwen dat dit apparaat u niet zal teleurstellen.
We should have confidence in Ukraine.
Wij moeten vertrouwen hebben in Oekraïne.
I have confidence.
Ik heb vertrouwen in de zon.
We have confidence in this cooperation!”.
Wij hebben vertrouwen in deze samenwerking!”.
We can only have confidence in our own strength!
Wij kunnen alleen vertrouwen hebben in onze eigen krachten!
I have confidence in confidence alone.
Ik heb vertrouwen in vertrouwen..
We have confidence with our products.
Wij hebben vertrouwen met onze producten.
Of course thanks to them that they too have confidence in this combination.
Uiteraard dank aan hen dat ook zij het vertrouwen hebben in deze combinatie.
I have confidence in you, doctor.
Ik heb vertrouwen in u, doctor.
We have confidence in each other's capabilities and intentions.
We hebben vertrouwen in elkaars vaardigheden en intenties.
We should have confidence.
We moeten vertrouwen hebben.
I have confidence in you, Sylvia.
Ik heb vertrouwen in je, Sylvia.
We have confidence in our production technology and capacity.
We hebben vertrouwen in onze productie-technologie en capaciteit.
A Europe whose citizens have confidence for the future.
Een Europa waar de burgers vertrouwen hebben in de toekomst.
I have confidence in us as Firestorm.
Ik heb vertrouwen in ons als Firestorm.
But we have confidence in the Americans' dynamism.
Maar wij hebben vertrouwen in het dynamisme van de Amerikanen.
Consumers will not have confidence in such a scenario.
Consumenten zullen in een dergelijke procedure weinig vertrouwen hebben.
Uitslagen: 449, Tijd: 0.0536

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands