TO CAUSE - vertaling in Nederlands

[tə kɔːz]
[tə kɔːz]
te veroorzaken
to cause
to produce
to induce
to create
to provoke
to trigger
to inflict
to foment
oorzaak
cause
reason
source
initiator
root
bezorgen
delivery
give
get
provide
bring
cause
send
make
te berokkenen
to cause
to harm
to do
opleveren
provide
bring
yield
produce
deliver
create
pose
result
generate
cause
te leiden
to lead
to guide
to run
in leiden
to manage
to initiate
to direct
to conduct
to divert
to redirect
waardoor
which
so
thus
thereby
whereby
making
allowing
causing
giving
leaving
te zorgen
to ensure
to take care
to provide
to look
care
to make
to make sure
to worry
to create
to fret
oplevert
provide
bring
yield
produce
deliver
create
pose
result
generate
cause

Voorbeelden van het gebruik van To cause in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
An eruption that's big enough to cause the apocalypse.
Een uitbarsting die groot genoeg is om de apocalyps te veroorzaken.
They were released first to cause maximum chaos and occupy law enforcement.
Ze werden eerst vrijgelaten om voor maximum chaos te zorgen en de troepen bezig te houden.
Chiana… I don't want to cause you any trouble.
Chiana, ik wil je niet nog meer problemen bezorgen.
Koran attests to cause and resolution separately in the following.
Koran getuigt afzonderlijk in de volgende oorzaak en oplossing.
You are not important enough to cause any of this.
Jij bent niet belangrijk genoeg om dit te veroorzaken.
I didn't mean to cause you all this bother.
Ik wilde je niet al die last bezorgen.
Karma' is believed to be related to cause and effect.
Karma' wordt verondersteld gerelateerd oorzaak en gevolg.
She's here to cause trouble.
Ze is hier om problemen te veroorzaken.
Also a collision does not appear to cause.
Ook een aanvaring lijkt niet de oorzaak.
We don't want to cause you any more trouble than we already have.
We willen u niet meer problemen bezorgen dan we al deden.
You're here to cause trouble.
Je bent hier om problemen te veroorzaken.
Effect leads to cause.
Een gevolg leidt weer tot een oorzaak.
That little droid's going to cause me a lotta trouble.
Die kleine robot gaat me een hoop last bezorgen.
To cause chaos.
Om chaos te veroorzaken.
I don't want to cause any trouble.
Ik wil je geen last bezorgen.
He's lives long enough to cause some damage.
Hij leeft lang genoeg om wat schade te veroorzaken.
I didn't come here to cause you any trouble, Emma.
Ik kom je geen problemen bezorgen, Emma.
Sana has the power to cause tremendous pain.
Sana heeft de macht om enorme pijn te veroorzaken.
On the other hand, I don't want to cause this woman needless humiliation.
Aan de andere kant, wil deze vrouw niet een onnodige vernedering bezorgen.
You paid them to cause Clemency's death.
Je hebt ze betaald om Clemency's dood te veroorzaken.
Uitslagen: 2895, Tijd: 0.0733

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands